Stuksprijs JSF

De stuksprijs van de JSF is een van de lastigste onderwerpen van het JSF-programma. Wat wordt bedoeld met kale stuksprijs? Wat is het verschil tussen de gemiddelde stuksprijzen die het JSF Program Office hanteert en die van Nederland? Alle feiten op een rij.

Kale stuksprijs JSF

De kale stuksprijs van de JSF omvat de prijs voor een toestel met motor plus alle bij het toestel behorende deelsystemen om ermee te kunnen vliegen. Internationaal wordt deze stuksprijs de Unit Recurring Flyaway Price genoemd, ofwel de URF-prijs.

De kale stuksprijs van de JSF omvat de kosten van: 

  • airframe
  • missiesystemen
  • voertuigsystemen
  • motor
  • overige kosten

De kale stukprijs omvat niet:

  • kosten van investeringen in gronduitrusting, simulatoren en initiële reserveonderdelen;
  • ontwikkelkosten;
  • kosten voor aanpassing van infrastructuur;
  • bewapeningskosten.

De eerste drie posten moet Nederland overigens wel uit het benodigde projectinvesteringsbudget betalen. De bewapening valt onder een ander investeringsbudget.

Algemene prijsontwikkeling goederen

Voor veel producten geldt dat in het begin van de productie de stukprijs hoog is, doordat de productie op gang moet komen, daarbij dingen misgaan en de productieaantallen klein zijn. Naarmate de productieaantallen toenemen, daalt de prijs. In de eindfase van een product stijgen de stuksprijzen weer: de bestellingen nemen af, aantallen worden minder en het wordt lastiger om de benodigde onderdelen te krijgen. Vrijwel elk product doorloopt daarom een prijscurve.

Figuur Stuksprijs JSF - Fictieve prijscurve

Afbeelding fictieve prijscurve van een product.

Gemiddelde kale stuksprijzen JSF

De JSF is nog volop in ontwikkeling. Het is daardoor nog niet duidelijk hoe de prijscurve van dit toestel eruitziet. Toen Nederland en andere landen in 2002 in het JSF-programma stapten, heeft het JSF Program Office (JPO) een raming gemaakt van de toekomstige prijsontwikkeling van de JSF volgens het prijspeil van 2002. Het JPO drukte deze raming uit in een gemiddelde stuksprijs, het gemiddelde van de curve. De organisatie past deze raming jaarlijks aan, vanwege zowel de inflatie als tegenvallers en vertragingen in het programma.

Figuur Stukspijs JSF - Gemiddelde kale stuksprijzen

In de voortgangsrapportages geeft Defensie de ontwikkelingen van gemiddelden van geraamde kale stuksprijzen van het type dat Nederland overweegt te kopen (de Conventional Take Off and Landing-variant, ofwel de CTOL-variant).

Hoewel de ontwikkeling van de gemiddelde geraamde stuksprijs van de JSF relevant is voor de ontwikkeling van het JSF-programma, zegt ze niet zo veel over wat Nederland voor de JSF moet betalen.

 

  Prijspeil 2002 Prijspeil 2012
okt-01 37,2  
dec-02 38,1  
dec-03 44,8  
dec-04 44,5  
dec-05 46,7  
dec-06 47,6  
dec-07 49,5  
dec-08 50,9  
dec-09 64,1  
dec-10 64,4  
dec-11   78,7
dec-12   76,8
dec-13   77,7
dec-14   76,8


Gemiddelde Nederlandse kale stuksprijs

Ook de gemiddelde stuksprijs in de JPO-raming zegt niet zoveel over wat Nederland moet betalen, als het de JSF aanschaft. De uiteindelijke stuksprijs hangt immers af van:

  • de jaren waarin de levering plaatsvindt;
  • de dan geldende dollarkoers;
  • het heersende prijspeil op het moment van aanschaf.

Bovendien beïnvloeden specifieke Nederlandse wensen voor het leveringsschema de stuksprijs van de JSF voor Nederland.

Stuksprijs in de voortgangsrapportage

Het Ministerie van Defensie publiceert in de voortgangsrapportages de gemiddelde Nederlandse kale stuksprijs. Deze berekening gaat uit van het aantal toestellen dat Nederland verwacht aan te schaffen en het tijdstip waarop de levering plaatsvindt. Ook deze stuksprijs is een gemiddelde: per toestel is de prijs afhankelijk van het moment van levering. Doordat de plandollarkoers, het prijspeil en het btw-percentage van jaar tot jaar kunnen veranderen, zijn de cijfers onderling niet goed te vergelijken.

Bij de gemiddelde Nederlandse kale stuksprijs behoren overigens ook de twee Nederlandse testtoestellen. Omdat Nederland die testtoestellen vroeg kocht, zijn die relatief duur.

Figuur: Stuksprijs Nederland op prijscurve

Figuur Stuksprijs JSF - Stuksprijs Nederland op prijscurve

Uiteindelijke kosten per stuk voor Nederland

De uiteindelijke kostprijs per stuk voor Nederland omvat niet alleen die onderdelen die niet onder de kale stuksprijs vallen, zoals investeringen in gronduitrusting, simulatoren en initiële reserveonderdelen, ontwikkelkosten en de kosten voor aanpassing van infrastructuur maar ook wat Nederland ontvangt uit haar deelname aan het JSF-programma, aan royalty’s en aan bijdragen van het bedrijfsleven. Het uiteindelijke saldo hiervan kan pas na jaren bepaald worden.

Overige begrippen stuksprijs

In de media circuleren veelvuldig stuksprijzen van de JSF die niet altijd op de Nederlandse situatie zijn toe te passen. Het is daarom goed om onderscheid te maken tussen de Nederlandse kale stuksprijs en de overige gehanteerde stuksprijzen. De Average Procurement Unit Cost (APUC) en de Procurement Acquisition Unit Cost (PAUC) betreffen bijvoorbeeld niet de Nederlandse kale stuksprijs, omdat:

  • in deze stuksprijzen de kosten zijn verwerkt van de twee duurdere varianten van de JSF (de carrier-variant en de short take off and vertical landing-variant), terwijl Nederland de Conventional Take Off and Landing-variant koopt;
  • er Amerikaanse kosten in zijn verwerkt. Sommige kosten zijn niet te vergelijken met de Nederlandse situatie, denk bijvoorbeeld aan de Amerikaanse ontwikkelingskosten.

Het verschil tussen de APUC en PAUC en de gemiddelde kale stuksprijs voor de JSF die Nederland wil aanschaffen, is in onderstaand figuur weergegeven.

Figuur: URF, APUC en PAUC varianten