De Tweede Kamer kan een bepaald project de status van ‘groot project’ geven. Vanaf dat moment moet de minister de Tweede Kamer met periodieke rapportages informeren over de voortgang van het project. Het project Vervanging F-16 is in 1999 aangewezen als groot project. Sindsdien moeten de ministers van Defensie en van Economische Zaken jaarlijks een voortgangsrapportage naar de Tweede Kamer sturen.

De Tweede Kamer spreekt met de minister af welke onderwerpen in de voortgangsrapportage aan de orde moeten komen. De Tweede Kamer heeft voor het project Vervanging F-16 in 1999 en in 2009 zulke afspraken gemaakt. Sinds 2014 wil de Tweede Kamer de rapportages elk halfjaar ontvangen, op 17 maart en op Prinsjesdag. De voortgangsrapportages van maart bevatten de verantwoording over het afgelopen jaar. De voortgangsrapportages op Prinsjesdag bevatten de nieuwe ramingen.

De minister moet bij de voortgangsrapportage ook een accountantsrapport van de Auditdienst Rijk (ADR) voegen. In dit accountantsrapport geeft de ADR zekerheid aan de Tweede Kamer over de betrouwbaarheid van de inhoud van de rapportage van de minister.

Op de tijdbalk hebben we alle voortgangsrapportages van dit project aangegeven.