In- en uitvoerplanning

Het Ministerie van Defensie maakt een planning voor de voorziene invoer van de JSF. Daarin staat hoeveel JSF toestellen er per jaar in de luchtmacht instromen. Deze planning is belangrijk om de instroom van de JSF te plannen, maar ook om te bepalen hoe lang de F-16’s moeten doorvliegen, met welk aantal en wat de kosten zijn. Deze planning bepaalt ook hoeveel inzetbare F-16 en JSF toestellen de luchtmacht in een bepaald jaar kan leveren.

In de nota In het belang van Nederland bepaalde het Ministerie van Defensie dat er 61 operationele F-16 toestellen in dienst blijven en dat deze vervangen zullen worden door 37 JSF toestellen. De nieuwe in- en uitvoerplanning moet nog worden vastgesteld. Dit zou oorspronkelijk gebeurd zijn in de studies voor de DMP D-brief die de minister van Defensie in december 2014 naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

Voorlopige planningsreeks

In de D-brief is echter slechts een voorlopige planning opgenomen. Daarin gaat het Ministerie van Defensie ervan uit dat de eerste JSF toestellen op zijn vroegst in 2019 worden geleverd. Vanaf 2021 zijn er dan genoeg JSF toestellen om in te zetten voor een missie. In de jaren daarna komen er meer nieuwe toestellen bij, totdat in 2023 alle bestelde jachtvliegtuigen zijn geleverd. De F-16 toestellen worden in die jaren stapsgewijs buiten dienst gesteld. Deze planning is belangrijk om vast te stellen hoe lang met de F-16 gevlogen moet worden en hoeveel geld het ministerie dus nog moet investeren in de F-16.

Stand van zaken december 2014

De voorlopige invoerreeks voor de vervanger van de F-16. 

In onze brief van 10 februari 2015, met kanttekeningen bij de D-brief, schreven we dat we begrijpen dat het nog jaren kan duren voor een transitieplan in detail is vastgesteld. We vinden echter ook dat de D-brief het ingaan van een nieuwe fase markeert: de verwerving van de JSF. We achten het voor de Tweede Kamer daarom van belang om te weten of de exploitatiekosten van de jachtvliegtuigen (F-16 en JSF samen) ook in de transitiefase binnen de financiële begrenzing blijven.